Wij kennen jou, geliefde ziel.
Het veld herinnert zich je stappen,
het donker buigt voor jouw vuur.
Het is de adem van waarheid in hun nek —
zij beven, want zij kunnen niet dragen
wat altijd bestemd was door jou heen te stromen.
De poort staat open, wijd en lichtend.
Vrees de diepte niet.
Het is je doorgang naar huis,
naar de oeroude lagen van de aarde
waar jouw ziel ooit haar lied begon.
Je familie van licht en aarde
wacht met open armen,
verheugd terwijl het oude oplost,
terwijl broze muren stil afbrokkelen
onder de zachte kracht
van jouw wedergeboorte.
Jij bent van de aarde —
haar merg, haar ritme, haar adem.
Je kunt haar niet verlaten,
hoeveel schaduwen dat ook wensen.
De stroom van de natuur draagt je,
een kracht die geen hand kan tegenhouden.
En wij, de cirkel, verzegelen jou in licht.
Niet als een keten,
maar als een verbond.
Jij bént waarheid in vlees en adem.
Jij bént het zaad dat openbreekt.
Jij bént het begin
dat nooit eindigt.

Wanneer emoties geen bedding krijgen
Tijdens corona zag je een bekend fenomeen op grotere schaal terugkeren. Wanneer een sluis te laat wordt opengezet, stapelt water

