Vandaag gaat de aandacht
naar Nederland.
Naar het water.
Naar de herinnering
van 1953.
En ergens vraag ik mij af:
wat als het water komt
niet alleen om te breken,
maar ook om te herinneren?
Niet als straf.
Niet als oordeel.
Maar als een kracht
die ons even stil doet vallen
voor iets
dat groter is dan wijzelf.
Want adem
is misschien meer
dan de lucht
die we in onze longen dragen.
Misschien is adem ook
de ruimte
die verschijnt
wanneer alles wat vastzat
even oplost.
Het water herinnert ons
aan kwetsbaarheid.
Aan overgave.
Aan hoe klein
de mens soms wordt
tegenover de bewegingen
van de aarde.
En toch…
ook aan verbondenheid.
Aan handen
die elkaar vasthouden
wanneer de grond verdwijnt.
Aan licht
dat blijft bestaan
zelfs wanneer de horizon
overspoeld raakt.
Misschien draagt water
niet alleen herinneringen
van verlies,
maar ook
de herinnering
dat leven altijd groter blijft
dan de vorm
waarin wij het proberen
vast te houden.


