Ik geef niet om leeg te raken,
ik geef om door te stromen.
ik geef om door te stromen.
Mijn handen zijn geen bron
maar rivieren.
maar rivieren.
Wat ik uitadem,
krijgt elders longen.
krijgt elders longen.
Wat ik ontvang,
is wat ik ooit heb laten gaan—
teruggekeerd als licht.
is wat ik ooit heb laten gaan—
teruggekeerd als licht.
Ik tel niet meer in offers,
ik tel in rondes.
ik tel in rondes.
De aarde kent dit ritme:
getij dat geeft, getij dat neemt—
nooit schuldig, altijd waar.
getij dat geeft, getij dat neemt—
nooit schuldig, altijd waar.
Mijn hart is een deur
die op maat van waarheid draait.
die op maat van waarheid draait.
Ik zet niets onder druk.
Ik dring niets binnen.
Ik dring niets binnen.
Ik leg mijn gaven neer
waar ze ademen kunnen.
waar ze ademen kunnen.
En waar het niet klopt,
daar sluit ik zacht,
zodat elders iets open kan.
daar sluit ik zacht,
zodat elders iets open kan.
Geven en ontvangen—
twee vleugels,
één vlucht,
één adem.
twee vleugels,
één vlucht,
één adem.


